Paradijselijke vrede, oude kerkjes, een poes die van een warme tegel geniet. Marinus van den Berg wandelt door Groningen, ver weg van haast en drukte. Zijn dag stokt als hij ’s avond de zwarte NRC uit de bus haalt over het plotseling opduikend geweld in Nice op die dag van feest, op die plaats van zon en zee. Wat kun je dan? Een kaarsje opsteken? Luisteren naar een requiem, het dies irae over de dag van wraak? Of terugdenken aan de kunstwerken van Chagall in Nice? “Geweld is overal, maar ook Chagall en Vincent van Gogh.”