Trauma is overal en alomtegenwoordig in de media. En dat is logisch omdat trauma alomtegenwoordig is in de contexten van ons (samen)leven en werken. We lezen en zien er zoveel over, dat we bang zouden kunnen worden het aan te raken. En dat is ook precies wat gebeurt, met heel veel negatieve gevolgen.

Wat is trauma eigenlijk? Met mijn collega’s in De School voor Transitie beschrijf ik het als volgt: Trauma is het effect van een verbinding die verbroken raakte door een impactvolle ervaring en die door de afwezigheid of onbeschikbaarheid van secure bases ervoor zorgde dat ontlading en herstel niet plaatsvond.

Niet iedereen die trauma met zich meedraagt, is getraumatiseerd. Daarmee bedoelen we dat de vraag of iemand getraumatiseerd is, afhangt van de vraag of er vermogen is duurzaam met het eigen veerkrachtmechanisme contact te maken en houden.

Een cruciaal aspect van traumasensitiviteit is het begrip dat trauma voortkomt uit een verbroken verbinding, niet alleen met anderen maar ook met onszelf. Dit verlies van verbinding kan diepe sporen nalaten, beïnvloedend hoe we relaties aangaan, onderhouden en ervaren. Het kan voor velen een constante strijd zijn om vervullende, vreugde- en succesvolle verbindingen te maken en te behouden.

De subjectiviteit van traumatische ervaringen vormt de tweede kern van traumasensitiviteit. Wat voor de een impactvol en ontwrichtend is, kan voor de ander minder significant zijn. Dit benadrukt de noodzaak van een persoonlijke benadering in de omgang met trauma, waarbij het unieke perspectief van het individu centraal staat.

Of iets traumatisch is, kan dus nooit door de enkele gebeurtenis zelf gezegd worden. Dat hangt samen met het derde element.

Hoe komt het dat één persoon die een ongeveer zelfde ervaring heeft op hetzelfde moment en plaats en context als een ander wel trauma oploopt en die ander niet? Dat hangt samen met de vraag of er tijdens of in de directe nasleep van de ervaring secure bases aanwezig en beschikbaar zijn. Secure bases – bronnen van steun én aanmoediging – zorgen ervoor dat we weer kunnen reguleren, onze emoties kunnen thuisbrengen en bewerken.

De inzichten in trauma hebben ons waardevolle lessen geleerd over de aard van menselijke verbindingen en het belang van een ondersteunende omgeving. Echter, er schuilt ook een risico in deze beschikbare kennis én de matige verwerking ervan. De toenemende voorzichtigheid en de overtuiging dat alleen gespecialiseerde hulp adequaat is voor traumaverwerking, kunnen bijdragen aan een gevoel van isolatie en eenzaamheid.

‘Niet het trauma zelf is de grootste ramp, maar de afwezigheid van een liefdevolle context om dat trauma te helen’, zegt dr. Gabor Maté, een vooraanstaand expert op het gebied van trauma.

Voor degenen die getraumatiseerd zijn, is gespecialiseerde hulp essentieel. Maar voor mensen die een trauma of traumata hebben, is de meest cruciale rol weggelegd voor mensen in het dagelijks leven, zoals vrienden, familie, coaches en counselors.

De weg naar herstel van trauma is een pad van verbinding, niet alleen met anderen maar ook met onszelf. Het vereist moed om deze verbindingen aan te gaan en te onderhouden, om aanwezig te blijven zelfs wanneer de angst ons wil wegduwen. Dit proces gaat niet over redden, maar over aanwezig zijn, verkennen en de hoop levend houden. Door een omgeving te creëren van begrip, moed en empathie kunnen we de – tijdelijke – isolatie die vaak gepaard gaat met trauma doorbreken.

We kunnen een gemeenschap bouwen waarin trauma niet langer een bron van eenzaamheid is, maar een weg naar verbinding, veerkracht, en uiteindelijk herstel. We hoeven nooit voorzichtig te zijn met mensen die een trauma hebben, wel zorgvuldig. Het verschil tussen beide is precies de weg naar een gezonde, traumasensitieve maatschappij.

Vond u dit artikel waardevol? Steun ons via een donatie.

Jakob van Wielink helpt leiders en hun organisaties te leven vanuit hun roeping. Hij is partner bij De School voor Transitie in Huissen en verbonden aan het Portland Institute for Loss and Transition (VS): www.deschoolvoortransitie.nl.