Met kunst kun je te slordig omgaan, maar ook bangelijk voorzichtig. Beide houdingen vragen om evenwicht, betoogt Eric Corsius. Dat komt omdat kunst verwijst naar een mysterie. Als drager daarvan dwingt kunst tot schroom. Tegelijk is het kunstvoorwerp niet meer dan verwijzing en in die zin relatief. En zo hebben onder kunstenaar de onaanraakbaren en de raakbaren allebei een beetje gelijk,  al ligt de sympathie van Eric Corsius bij de laatste. Trouwens: in dit opzicht lijkt kunst op religie.