Voor antieke filosofen was het een evidentie om theoretisch inzicht te verbinden met praktische kennis en te streven naar een afstemming tussen verstand, hart en lichaam. Dat werd exemplarisch in de praktijk gebracht door Marcus Aurelius die van 161 tot 180 over het Romeinse Rijk heerste. In de laatste tien jaar van zijn leven maakte ‘de keizer-filosoof’ voor zichzelf aantekeningen om zich de stoïcijnse levenshouding zo goed mogelijk eigen te maken: je uitsluitend laten leiden door de rede, onder alle omstandigheden kalm leren blijven, je emoties de baas worden.