Pasen is het feest van de opstanding die volgt op de kruisiging – een vreemd verhaal. Tenzij je het symbolisch opvat: dan is het prachtig en slaat het op ons allemaal, zegt Lisette Thooft. "Het is een verhaal over wat het menszijn van ons vraagt.”
Lees meer over




VERRIJZENIS
“De verrijzenis van Jezus de Christus moet men niet symbolisch verstaan maar, hoe dan ook, werkelijk. Het is geen onderwerp voor het verstand, het is een zaak van geloof”. Zo las ik onlangs.
De term “symbolisch” lijkt hier iets te betekenen tegenover echt gebeurd c.q. echt te gebeuren. Denkt de schrijver aan pogingen om iets te bewijzen en zelfs het al of niet bevestigen van een historisch feit? Alle uitspraken, geloofsartikelen, predikaties behoeven woorden. Het zijn altijd symbolen, betekenisdragers. De meeste verwijzen naar zichtbare, alledaagse zaken en belevingen: wierook is wierook, een kaars is een kaars. Symbolen in de bijzondere zin worden gebruikt, als het moeilijk is een gedachte, gevoelen of intentie in de gewone taal te verwoorden. Een paaskaars en een simpel theelichtje in de Mariakapel zeggen meer dan een simpel lampje of vuurtje. Alledaagse en wetenschappelijke woorden zijn symbolen, tekens die verwijzen. Maar steeds geldt: alle woorden vragen, alle taal behoeft verstaan. Het gaat altijd om interpretatie en dat is niet hetzelfde als bewijzen of ontkennen.
Het onderscheid tussen geloven en verstandelijk kennen is hier niet het punt. Het woord “geloof/ geloven” is al een woord met meer dan één betekenis. Ik ben geen bioloog, maar ik geloof in de onderzoekingen van de evolutie. Als niet-filosoof weet ik iets van de evolutie van het denken, maar dat omdat ik geloof in mijn docenten en auteurs. De vakmensen leven trouwens ook met geloof in hun voorgangers en opleiders. En er werkt nauwelijks iemand singulier. Zowat alles valt onder deze vorm van kennen die we met dat (te) algemene woord “geloven”. Het meeste is een mate van waarschijnlijk achten en meteen vertrouwen op de deskundigheid van anderen. In de context van religie en kerk is geloven ook meer dan kennen. Dat geldt voor menige relatie: ik geloof in mijn partner, wij geloven in onze medeburgers.
Wat is hier dan het punt? De term “verstand” verwijst naar de logos of ratio, al mogen we die best ruimer nemen dan een strikt wetenschappelijk of wijsgerig redeneren. “Intellectus” heeft meer vormen dan strikt rationeel kennen. Het verstandig omgaan met hout maakt de timmerman. Het gaat om het verstaan van betekenissen. Het woord “verstaan” is hier niet identiek aan “verstand, ratio…” En verstane betekenissen hebben gevolgen voor onze beleving, voor ons gedrag. Het bewieroken van het kerkpubliek of de doodskist is een gebaar van erkenning, zoals de vredesgroet. Open handen bij het Onze Vader zeggen dat ik me ontvankelijk weet. Over de consecratie weten theologen zeker meer te zeggen dan ik zou kunnen. Het gebaar van Jezus met zijn woorden zijn toch voldoende te verstaan. Maar dan moet men intellectuele exercities met substantia en accidentia maar nalaten.
Als ‘verrijzenis” niet verstaan wordt, dan betekent hetgeen erdoor wordt aangewezen niets. Ook wat geloofd wordt moet betekenis hebben. Geloof heeft iemand en iets tot object, of het nu een kennen is of een relatie tot anderen. In die zin werkt ons verstand, niet alleen om het al of niet bestaan of toekomstig gebeuren te bewijzen. En zelfs dan gaat de vraag vooraf “waarover hebben het dan?”
De verrijzenis heeft een nauwe band met wat er zou zijn voor de doden. Wat we geloven, geloven we tijdens ons leven. Spreken van “na de dood” is onjuist. Het “na” is iets dat gedacht kán worden. In werkelijkheid is er voor de overleden mens geen “na” als een soort tijd. Eeuwigheid is geen eindeloze tijd, het is hetgeen ahistorisch is tijdens ons historisch leven. Dat is al de geldigheid van aantallen (zeven dagen zijn evenveel als zeven sacramenten), die van logische redeneringen en wat belangrijker is: van onze waarden. Als men verder denkt is er het Alomvattende, het transcendente voor wijsgerige lieden. Beter: het mysterie. En dat is er nu voor mij, voor ons zolang ik dat kan beleven.
Een symbolisch verstaan van de in de evangeliën verhaalde verrijzenis heeft verband met ons mensen, ons leven en daarmee met ons zelfverstaan. Wat zegt, wat openbaart ons ook dit element in Het verhaal Jezus? Het spreekt over de dood, ooit het einde, maar niet dat wat ons leven, kort of lang, behoeft te bepalen. Hij mag het leven niet bepalen, zeker niet dat van anderen doen eindigen.
Jezus is levend tot op de dag van heden. Maar dan is hij de Jezus van de liturgie, van de evangeliën, al getekend door Jesaja van de bijbellezingen en -kenners – ook in onze kerk vaak goed gepredikt. Verrijzenis zal verstaan dienen te worden binnen die weidse context. De in zeer beperkte zin historische man Jezus – data, plaatsen, lijfelijke aanwezigheid tot in het graf – spreekt aan, want zo is het mensenleven, ook het onze.
Jac van Dam Nijmegen
Een aardige aanvulling op mijn ietwat lange tekst. De predikant beëindigde zijn preek op Pasen met: wacht niet met de verrijzenis tot na je dood.
De werkelijkheid is meestal nog veel complexer dan dat er voor een mens slechts schuldig of schuldloos lijden zou zijn. Van het een komt namelijk het ander. En dat mengt zich ook nog eens met elkaar.
De vraag rijst dan: zijn we hoe dan ook verplicht om lijden uit te houden als je buurt, je familie je weigert te vergeven bijvoorbeeld, en moet je je laten 'kruisigen' omdat dit de geïmpliceerde oproep van Jezus' lijdensverhaal zou zijn aan alle mensen in alle situaties? De getergde moordenaar van Pim Fortuin denkt er volgens de kranten over om te emigreren, en de Eindhovense pedofiel Benno L. zal er waarschijnlijk net zo over te denken sinds hij uit zijn woning in Duitsland is verjaagd door een stel rabiate pedojagers. En dan hebben we het nog maar over enkelen die lijden omdat ze ernstig schuldig waren, maar hun gerechte straf hebben uitgezeten. In menige buurt en familie worden levenslange sadistisch ogende straffen uitgedeeld. Straffen die lijden veroorzaken zonder einde, en waar de tot slachtoffer gemaakte ex-dader levenslang onder zal moeten lijden als hij/zij zich niet verzet of vertrekt. Het kruis hier prediken als morele plicht om straf en lijden te aanvaarden en ondergaan, geeft dan wellicht toch het verkeerde signaal af: het slachtoffer en zijn omgeving mag tot in het oneindige doorgaan met wraak nemen. Elk mens heeft m.i. namelijk ook het recht om zich te onttrekken aan sadisme en kwellerij. Een samenleving of kerk die barmhartigheid predikt zou m.i. dus altijd moeten zorgen voor safe havens voor mensen die een tweede kans verdienen als hun 'rechters' de doodstraf niet ten uitvoer willen brengen. (Mozes heeft daar al voor gepleit in Numeri 35,9-11 en Deut. 4,41-42 !) Al het andere is zinloze kwellerij en sadisme. Het lijdensverhaal van Jezus zoals boven geïnterpreteerd biedt dus geen echte soelaas, want in principe blijft het zinloos. Christenen hebben er een mooi einde aangebreid door er een opstanding, verrijzenis aan toe te voegen. Daarzonder is iedere Passie (van Bach e.a.) of Passion (van EO enz.) ook waardeloos. Er zal geen oorlog minder om worden gevoerd, en geen enkel onschuldig burgerslachtoffer minder door sterven. Helaas.